Knipperlichtrelatie

1

Het was al een poos geleden dat ik de sympathieke, aantrekkelijke Jan nog had gezien en gesproken. Maar alsof we pas vorige week hadden bijgepraat, pakten we de draad weer meteen op.
‘Hoe gaat het in de liefde’, Jan’, begon ik. Want ik kende inmiddels de ups en downs in zijn relatieleven.
‘Ach, ik heb het nu wel definitief gehad met Leen’, zuchtte hij wanhopig. ‘Ik ben het kotsbeu en heb het net uitgemaakt. Ik kon haar gescharrel achter mijn rug om, de leugens en halve waarheden niet meer aan. Telkens we samen zijn, lijkt alles oké. Omdat ik echt ‘in the moment’ probeer te blijven. Maar van zodra ze mijn huis uit is, spookt er teveel door mijn hoofd dat niet deugt. Ik ben het spuugzat, echt waar.’

Dit was reeds de vierde maal dat Jan er een punt achter zette. En hopelijk was het inderdaad definitief deze keer. Jan en Leen zaten immers al jaren gevangen in een energieverslindende, toekomstloze knipperlichtrelatie. In het soort relatie waarin vroeg of laat het moment moet aanbreken waarop de geleden schade voor één van de twee, of voor allebei, onherstelbaar is. Waarna de finale breuk volgt.
Jan en Leen konden niet met en niet zonder elkaar leven. En elke keer ze het weer ‘aan’ maakten, was de vreugde groot. Maar die vreugde was meestal van korte duur. Omdat ze zich bij iedere breuk plus de bijhorende verzoening, opnieuw een trapje lager bevonden op de neerwaartse spiraal.

Want in een knipperlichtrelatie is en raakt het eigenlijk nooit echt ‘helemaal aan’ zoals dat gebeurt in normale relaties. En het is evenmin ‘echt uit’ zoals dat bij veel andere stellen doorgaans wel gebeurt. Je zou kunnen zeggen dat er hier geen positieve evolutie plaats vindt. Normale relaties evolueren mettertijd naar nieuwe niveaus die in een knipperlichtrelatie maar niet bereikt worden. De oorzaak van dat eindeloos ter plaatse trappelen zal wellicht verschillen van koppel tot koppel. Maar meestal gaat het over stagnatie te wijten aan de afwezigheid van verdieping, volwassen engagement en emotionele intimiteit. Soms aan één kant, soms aan beide kanten. Mensen die zich in dat soort relatie bevinden, wonen maar zelden samen. Ze nemen bovendien onbewust plaats in een emotionele rollercoaster die hen uiteindelijk leeg en gedesoriënteerd achterlaat. Therapeuten raden daarom aan zo snel mogelijk een eind te maken aan een knipperlichtrelatie, precies vanwege het ongezond karakter van zo’n band. Een knipperlichtband staat altijd voor een chronische emotionele en dus ook energetische aderlating. Omdat de altijd aanwezige stress, angst en onzekerheid op termijn hun tol eisen. Tenzij je ervan houdt je relatie op te leuken via ruzie, ziekelijke spanning en aan en uit spelletjes.

Ik kende niet enkel Jan maar ook Leen. Ik wist dat Jan het eerlijk meende met Leen. Ik wist ook dat Leen een soort “mystery woman” was voor mannen. Voor mij was ze gewoon een kakmadam die vooruitziend meer zweeg dan babbelde uit pure schrik haar mond voorbij te zullen praten. En daar had ze voldoende redenen toe. Leen cultiveerde immers nog vlijtig een leven naast dat met Jan. Helaas wist Jan nooit meteen wat ze juist had uitgevreten achter zijn rug om. Want in de jaren dat ze elkaar kenden, was er al een resem lijken uit de kast gevallen. Enkele voorbeeldjes? Jan kwam er pas een jaar na hun kennismaking achter dat Leen officieel nog steeds getrouwd was. Iets wat zij dan weer compleet onbelangrijk vond. Ook onderhield Leen nog iets te vaak warme contacten met oude geliefden of onbereikbare potentiële partners. Ze maakte samen met hen uitstapjes. Stiekem natuurlijk. Bij één van hen overnachtte ze zelfs af en toe. In de hoop op meer. Veel meer. Jawel. En de dartele Leen bleef jaar in jaar uit, onverminderd actief op de datingsites. Jan of geen Jan. Ook beantwoordde ze net iets te vaak gsm-gesprekken buiten gehoorsafstand. Dat soort zaken waren Jan een doorn in het oog, telkens hij erachter kwam. Want erachter kwam hij. Dit waren harde realiteiten die hem onvoldaan en onzeker achterlieten.

Van mijn standpunt bekeken, had Jan nu de enig juiste beslissing genomen. Ik wenste dan ook uit de grond van mijn hart dat hij de nodige kracht zou vinden om die hele Leen in de toekomst links te laten liggen. Op naar andere en dit keer beter, Jan!

Share.

Over de auteur

Karina is relatie-dating ervaringsdeskundige en schrijfster van boeken 'Hoera, ik heb een date', 'Late Liefde', 'Aan het daten? Goed om weten!' en 'Het Kluwen, vijand van nieuwe liefde'.

1 reactie

  1. ik heb ook een knipperlicht relatie, ik ben al 9 jaar samen met lesley, ik heb jaren samengewoont, na 5 jaar was er een breuk van 4 maanden, ze had iemand anders maar dat bleef niet duren, we hebben ons verzoent maar na enige tijd was het weer niet zo goed tussen ons, door omstandigheden ben ik na 7 jaar alleen moeten gaan wonen, het was niet mijn keuze,

    na 8 jaar was ze verliefd op iemand die in de gevangenis zat, het was toen niet uit tussen ons maar het scheelde niet veel. toen besliste ik dat het uit was, maar we bleven elkaar zien , toen had ze 3 maanden iemand anders , ondertussen was ik verhuist op 25 minuten van haar woonplaats, vroeger woonde ik op slechts 10 minuten.

    ondertussen is het weer aan tussen ons, maar als het nu mislukt is het echt gedaan ik hoop nu zo dat het lukt,kzit gewoon met die afstand in , ik zie haar ongeveer 4 keer per week, ik zou dichter bij haar willen wonen, ze vertelde me dat we later wer samen kunnen wonen, ze heeft nu geen werk en als we officieel zouden samen wonen heeft ze bijna geen inkomen.

    ik voel me er niet goed bij maar ik zie haar zo graag, ik kan niet goed alleen zijn, en in mijn nieuwe woonst (dat groter en mooier is dan de vorige) daar ben ik het nog niet gewoon;
    niemand gelooft ernog in dat het goed zal blijven tussen ons, maar ik nog wel maar het is niet ideaal.

Reageer